Bij aankomst op het vliegveld van Vijayawada heeft mijn gastvrouw Madhavi net mijn voorgangster Elleke uitgezwaaid.
Als ik in Asha Jyothi aankom is er een spandoek voor mij, krijg ik een bloemenkrans en zie ik veel dansende en blije kinderen, een hartelijk welkom!

Drie downkinderen.
Ik kijk eens in het rond en zie ongeveer 60 kinderen met allerlei soorten handicaps. Sommige kunnen niet lopen, sommige kinderen zijn spastisch of hebben polio en weer anderen zijn geestelijk gehandicapt. Ik herken meteen een paar kinderen met cerebral palsy, hersenletsel, meestal t.g.v. zuurstof gebrek tijdens de geboorte.
Ik kom net uit Nepal, waar ik ook als fysiotherapeut gewerkt heb in een centrum voor gehandicapte kinderen. Dus een beetje gewend aan de armoedige en vaak onhygiënische toestand waarin deze kinderen leven was ik wel. Deze kinderen zien er zeer goed uit; gezond, tevreden en met schone en hele kleren.
Wat me op valt in de loop van deze weken is dat het motto “de lamme helpt de blinde” en vice versa hier toegepast wordt. Kinderen met een lichamelijke handicap worden overal naar toegesjouwd door de kinderen met een geestelijke achterstand.

De kinderen helpen elkaar.
Op hun beurt worden zij weer door hen geholpen met de meer ingewikkelde klusjes. Er is een bepaalde harmonie en ook hiërarchie onder de kinderen. Ze spelen en leven met elkaar hoewel ze zeer verschillend zijn in leeftijd en handicap. Wat ze gemeen hebben is dat ze vrijwel allemaal achtergelaten of te vondeling gelegd zijn. Een gehandicapte is niet veel waard hier en als je erg arm bent is elke mond die je moet voeden er één. Met het werk kom ik al heel snel in een ritme. De kinderen hebben donders goed in de gaten dat er aandacht valt te halen en al gauw heb ik een stuk of 6-7 kinderen om mij heen. Ik zet hen op een mat met blokken, constructie materiaal en ander speelgoed, wat vreemd genoeg veilig hoog in de kast wordt opgeborgen, zodat de kinderen er zelf niet bij kunnen. De eerste tijd is het zoeken naar mogelijkheden, materiaal en naar wat er precies van mij verwacht wordt. Het is zo leuk om deze kinderen iets nieuws aan te bieden! Ze kraaien letterlijk van plezier als ik ze alleen al een bal toewerp. Natuurlijk moet er ook geoefend worden en moeten verkorte spieren gerekt worden en dat is best pijnlijk. Ik probeer er zoveel mogelijk een spelletje van te maken, de kinderen vinden het prachtig. De taal is geen enkel probleem, veel kinderen kunnen niet praten en de rest doen we met gebaren.
Op medelijden zit niemand te wachten, wel op stimulatie, activatie en creativiteit. Indiërs zijn zo creatief als een bananenboom. Van de ambassadeur krijgen we 3 rolstoelen op onafhankelijkheidsdag. Een daad van liefdadigheid, zo vlak voor de verkiezingen. De stoelen doen hun naam geen eer aan want ze rollen niet; geen binnenband, geen ventiel, geen kogellagers en te hoge voetsteunen.

De kinderen in hun nieuwe rolstoelen.
Als we Bas niet hadden stonden de stoelen nu te roesten. Er moet ook aan de toekomst gedacht worden en de kinderen die nu nog op hun knieën of billen voortbewegen gaan oefenen in een rolstoel. Manoeuvreren met een rolstoel is moeilijker dan je denkt!
Na schooltijd zijn we nog vele uren aan het rolstoelen op het mooie betegelde plein.Het leuke is dat ik de hele dag met de kinderen samen ben en zo ook heel veel ongemerkt kan corrigeren of oefenen. Zitbalans is bijvoorbeeld best belangrijk als je niet voorover in hetbordspelletje wilt vallen. Als je een onwillige linkerarm hebt en slappe benen is het een uitdaging om een bal te vangen zonder om te vallen.

Bordspellen na schooltijd.
Opvallend is dat de kinderen zich vrij gelaten in hun lot schikken. Het is bijzonder te zien dat wanneer je kinderen gaat uitdagen ze tot veel meer in staat blijken dan ze tot dan toe hebben laten zien.

Spelen en therapie tegelijk.
Mijn grote succes van deze theorie is kleine Mounika met hersenletsel( CP). Achtergelaten op het station toen ze ongeveer 2 jaar was. Ziek en ondervoed in Asha Jyothi gekomen en na 9 maanden weer aardig bijgekomen. Ze doet nog niet veel meer dan liggen. Ik heb haar opgepakt en de hele dag bij me gehouden, haar elke keer weer rechtop gezet, haar laten staan, haar balans op de knieën geoefend en haar leren kruipen. En vooral de kinderen, maar ook de volwassenen duidelijk gemaakt dat Mounika in principe alles zelf kan, en wat ze nog niet kan zal ze moeten leren.

Mounika
Nu zit ze in een prachtige stoel en kan ze zelf eten, ze kruipt, ze trekt zich op tot stand en kan aan de hand lopen. Het mooiste is: ze vindt het helemaal fantastisch!
En ik ook.
Zo zijn er in Asha Jyothi nog 60 kinderen waar nog veel meer in zit, ze moeten wordengeactiveerd, gestimuleerd en uitgedaagd. Daarmee is er continuiteit in de behandeling van de kinderen en dat is hard nodig.
Het zou ontzettend fijn zijn als er meer vrijwilligers naar Asha Jyothi komen om die extra aandacht aan de kinderen te geven. Ik zal in ieder geval “mijn” kinderen weer zien, wie gaat er met mij mee?
Willianne van Diest

Bas heeft een oefenraam gemaakt.

Mounika klapt in haar handen, bijzonder omdat ze haar linkerkant totaal niet kan gebruiken.

Skrikant heeft vooral problemen met z'n balans.

Avondspelletjes.

Een dage uit in de speeltuin.

Sunita heeft polio, fietsen is een nieuwe ervaring.
